Telers van bloembollen houden zich een stuk beter aan de regels voor het gebruiken van gewasbeschermingsmiddelen. Dat blijkt uit een nalevingsmeting van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA). In 2014 hield slechts 55% van de bloembollentelers zich aan de regels. In 2018 is dit gestegen tot een naleving van 89%. Desondanks overtreedt nog steeds 11% van de telers de wet.

Voor de nalevingsmeting heeft de NVWA bij circa 300 bloembollentelers inspecties uitgevoerd om te kijken of telers zich hielden aan de regels voor het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. De verbetering in naleving is vooral zichtbaar in het gebruik van niet in de teelt toegelaten onkruidbestrijdingsmiddelen. In 2014 was dit aspect goed voor 76% van de opgemaakte boeterapporten. In 2018 daalde dit tot 42%. Ondanks deze daling werden de meeste overtredingen nog steeds op het gebied van onkruidbestrijding geconstateerd.

Uit de inspecties blijkt dat formaldehyde nog steeds wordt toegepast in de bloembollen terwijl dit middel sinds 2013 niet meer toegelaten is als gewasbeschermingsmiddel. Daartegenover staat dat de sector inspanningen heeft geleverd om tot alternatieven voor het gebruik van formaldehyde te komen. Dit heeft ervoor gezorgd dat in 2018 een aantal vrijstellingen zijn afgegeven voor het gebruik van in situ gegenereerd chloor. Tijdens inspecties is het gebruik van dit middel als alternatief voor formaldehyde enkele keren geconstateerd.

De NVWA heeft voorafgaand aan de controles in samenwerking met de Koninklijke Algemene Vereeniging voor Bloembollencultuur (KAVB), in 2017 diverse communicatiemiddelen ingezet om de naleving te stimuleren.

In de factsheet Domein gewasbescherming 2018 die vandaag is gepubliceerd, staan ook de nalevingsindicaties voor ‘Sierteelt buiten – boomkwekerij, vaste planten en bloemisterij’, ‘Groenten onder glas’ en ‘Grondwaterbeschermingsgebieden’.