“In de -niet al te verre- toekomst is het mogelijk om met een drone ziektes en gebreken in gewassen te herkennen. Dit werkt in feite net als gezichtsherkenning. Een camera boven een bollenveld kan feilloos bepalen waar de zieke bollen zitten of waar bijvoorbeeld te weinig kunstmest is gestrooid.”

‘In de Spiegel’ is de rubriek van Flower Science waarin elke week iemand uit de bloembollensector in de spiegel kijkt. In tien korte vragen blikt deze persoon naar het heden, zijn verleden en de sector in de toekomst. Aan het woord wetenschappelijk onderzoeker Henk Gude, al bijna 30 jaar actief betrokken bij de bloembollensector en voorvechter van het verduurzamen van de bloembollenteelt en -handel.

Als je in de spiegel kijkt, wat voor soort ondernemer zie je dan? ’Een wetenschappelijk onderzoeker die gegrepen is door het praktijkonderzoek voor de bloembollensector. En dan niet wetenschap om de wetenschap, maar onderzoek moet voor mij leiden naar toepassingen en innovaties. Binnen dit alles ben ik met name geïnteresseerd in en bezig met het onderwerp duurzaamheid in de bollenteelt en handel.’

Hoe denk je dat je medewerkers/collega’s je zullen omschrijven? ’Ik denk vernieuwend, innoverend. Daarnaast hoop ik als leidinggevende ook motiverend te zijn, ik probeer mijn collega’s mee te nemen in nieuwe denkbeelden en kennis.’

Wat was je eerste baan(tje) en wat kocht je van je eerste geld? ’Ik heb veel bijbaantjes gehad, maar de eerste serieuze bijbaan was bij Hoogovens. Ik controleerde er ijzeren rollen en draaide ploegendiensten. Dat was als 16-jarige best een intensieve baan en mooie ervaring. Van mijn eerst verdiende geld kocht ik een spiegelreflex camera.’

Wat is jouw mooiste moment van de werkdag? ’Het einde van de dag. Niet omdat ik dan naar huis ga, maar omdat ik dan kan terugkijken en kan zien dat er weer vooruitgang is geboekt bij een project of onderzoek. Het is fijn om bollentelers te kunnen helpen bij het oplossen van problemen. De ziekte ‘zuur’ bij tulpenbollen bijvoorbeeld, we zijn inmiddels zover dat we kunnen verklaren waar het vandaan komt. Er wordt hard gewerkt aan oplossingen en preventie.’

Wat vind je het minst leuk aan je werk? ’Een onderzoeker wil natuurlijk het liefst de hele dag onderzoeken. Administratie en financiën zijn bij mij minder favoriet. Ook minder leuk is het voortdurende proces van reorganisatie en krimp waar wij als onderzoekers de laatste jaren helaas veel mee te maken hebben.’

Wat doe je om je bedrijf toekomstbestendig te maken en/of te houden? En hoe zou de bloembollensector dat moeten doen? ’Wij als onderzoeksorganisatie, maar ook de bloembollensector, moeten voortdurend onze toekomstvisie bijstellen, inspelen op veranderingen en nieuwe ideeën blijven ontwikkelen. Wij willen samen met ondernemers en collega-onderzoekers blijvend werken aan de verduurzaming van de bollensector.’

Met wie of wat binnen de sector zou je graag willen samenwerken? Of wie vind je dat zouden moeten samenwerken? ’Wij werken vanuit onze positie met iedereen binnen de sector samen, dus met ondernemers en beleidsmakers. Bij die laatste groep zie ik dat de laatste jaren het contact verschuift van de landelijke overheid naar de regionale en lokale overheden. Hiermee staan we dichter bij elkaar. Greenport en Flower Science zijn hier mooie voorbeelden van.’

Wat denk je dat er gaat veranderen in de bloemenbollen-sector komende jaren? ’Verduurzaming. Ondernemers vinden het soms een lastig onderwerp. Maar in feite betekent duurzaam niets meer of minder dan het toekomstbestendig maken van je bedrijf. Het draait om de drie kernwoorden People, Planet en Profit.  En niet – zoals veel mensen denken- alleen om zaken die met het milieu te maken hebben. Zuinig omgaan met water, grondstoffen en energie is niet alleen goed voor het milieu, ook de bedrijfsvoering wordt door zuinigheid rendabeler. Natuurlijk snap ik dat het soms niet meevalt voor ondernemers. De regels veranderen in snel tempo en er is niet altijd tijd genoeg om de bedrijfsvoering erop aan te passen.’

Welk onderwerp zou je willen agenderen voor een van de komende Flower Science cafés? ’Op 1 december, tijdens het Flower Science Congres, staat het onderwerp al geagendeerd: de ontwikkeling van een totaal nieuwe manier van bollenteelt. En met nieuw bedoel ik heel nieuw en innovatief. Het kan namelijk echt heel anders. In de akkerbouw zijn ze er al erg ver in en wordt dit ‘precisielandbouw’ genoemd. In de -niet al te verre- toekomst is het mogelijk om met een drone ziektes en gebreken in gewassen te herkennen. Dit werkt in feite net als gezichtsherkenning. Een camera boven een bollenveld kan feilloos bepalen waar de zieke bollen zitten of waar bijvoorbeeld te weinig kunstmest is gestrooid. De trekker kan vervolgens heel precies bepalen waar gespoten moet worden. Bedenk eens welke voordelen dit biedt! Het geeft niet alleen voordelen voor het milieu, maar het geeft ook een beter resultaat voor de ondernemer. En dat terwijl het minder geld en tijd kost.’

Als je niet voor dit vak had gekozen, wat zou je dan willen doen? ’Dan zou ik graag een baan hebben in het onderwijs. Ik vind kennisoverdracht een van de leukste kanten van mijn beroep.’