Aan het woord Mariëla van der Meer, de kersverse projectmanager van het programma ‘Onderwijs en Arbeidsmarkt in de Duin- en Bollenstreek’.

Als je in de spiegel kijkt, wat voor soort ondernemer zie je dan?
Dan zie ik een enthousiaste en gedreven projectmanager. Iemand die snel schakelt van strategisch niveau naar praktisch niveau. Het is belangrijk goed dingen van te voren uit te denken, maar ik wil niet blijven hangen in plannen en praten. Ik schaak daarom graag op meerdere borden tegelijk. Want ‘doen’ is ook belangrijk, soms kunnen zaken al snel in gang gezet worden.

Wat is je Corebusiness?
Ik ben projectmanager van een nieuw programma in de Bollenstreek. In september werd een overeenkomst getekend met de Economic Board Duin- en Bollenstreek. Het doel is om onderwijs en arbeidsmarkt dichter bij elkaar te brengen. Dit omdat er in de regio inmiddels een behoorlijk tekort is aan goed gekwalificeerd personeel. In dit programma worden middelbare en hoger opgeleide jongeren gestimuleerd om in de regio te blijven werken. Om zover te komen maken we leerlingen van het basis- en middelbaar onderwijs meer bekend met de regio waarin zij leven. Mijn rol is verbinden en katalyseren. Iedereen is nu enthousiast en vindt het hard nodig dat er iets gebeurt. Ik wil er voor gaan zorgen dat mensen in het onderwijs, bedrijfsleven en de overheid in beweging gaan komen.

Op donderdag 28 november vindt van 16.00 tot 19.00 uur een bijeenkomst plaats om handen en voeten te geven aan de samenwerking tussen het onderwijs en het bedrijfsleven. Deze bijeenkomst is bedoeld voor ondernemers, onderwijsmensen of andere betrokkenen die mogelijkheden zien aan te sluiten bij deze activiteiten. Meer informatie en aanmelden kan bij mij.

Van wie ben jij d’r een?
Ik ben geboren in Schiedam en ik verhuisde toen ik 3 jaar oud was naar Noordwijkerhout. Mijn vader, Herman Leenderts, werd technisch onderwijs assistent natuurkunde op het Leeuwenhorst college. Veel mensen in Noordwijk en Noordwijkerhout kenden hem, bijvoorbeeld van de Carnaval. Doordat ik woonde in Noordwijkerhout had ik ook vriendinnen die thuis een kwekerij hadden. Ik kwam vaak bij hen over de vloer en deed in de loop van de jaren allerlei vakantiebaantjes tussen de bollen. Dat agrarische beviel mij wel. Sterker nog ik ben naar de tuinbouwschool gegaan. Vervolgens deed ik een opleiding in het onderwijs en zo kwam ik terecht in het groene onderwijs. Een mooie combinatie. Inmiddels sta ik niet meer voor de klas maar begeleid ik veel trajecten op de scheidslijn tussen onderwijs en arbeidsmarkt.

Waar ben je het meest trots op?
Ik ben er trots op dat ik dit nieuwe programma handen en voeten mag gaan geven. Maar let op, ik ga het niet oplossen of organiseren. Ik ga ervoor zorgen dat we met elkaar aan de gang gaan. Het arbeidsmarkt probleem is nijpend. Er is veel en goed gekwalificeerd personeel nodig. Zo snel mogelijk. Dat erkent iedereen. Ik heb nu veel verkennende gesprekken met alle betrokken partijen. Ik merk dat iedereen naar elkaar kijkt en bedenkt: wie is er verantwoordelijk voor dit probleem en wie gaat het oplossen? Ik zeg nu tegen deze organisaties: het is oké dat we even niet weten hoe en door wie het moet worden opgelost. We leven in een veranderende wereld. Het is belangrijk dat we nu met elkaar bepalen wat de stip is op de horizon en naar welk doel we toe willen werken.

Van welke gebeurtenis heb je veel geleerd?
Ik heb veel geleerd van mijn tijd in het Groen Onderwijscentrum. We hebben bijvoorbeeld hele mooie ontwikkelingen doorgemaakt in Boskoop en Aalsmeer. Deze opgedane kennis kan ik nu goed gebruiken om de Duin- en Bollenstreek een stap verder te krijgen.

Waar gaat je hart snel van kloppen?
Bijvoorbeeld van deze mooie streek. Van een wandeling door de duinen of over het strand. Of van fietsen door de regio en genieten van de diversiteit van het landschap en de centra. Ik hoop dat we deze diversiteit nog heel lang kunnen bewaren.

Ben je een duurzame of bewust ondernemer?
Dit programma heeft alle aspecten van duurzaamheid in zich. Zowel inhoudelijk, want veel banen vergen kennis van duurzaamheidstrajecten. Maar vooral ook de duur van het project. Dit programma kan alleen succesvol worden als we het borgen voor de lange termijn.

Wat moet anders in de bloembollensector de komende jaren?
Er moet veel meer aandacht zijn voor het Human Capital van deze regio waarin wordt gewerkt aan een veerkrachtige arbeidsmarkt. Dat geldt voor alle aanwezige sectoren, maar in hoge mate ook voor de bloembollensector. En dat alles in een veranderende wereld. Dit vergt een brede aanpak waarbij het onderwijs, het bedrijfsleven en de overheid in nauwe verbinding staan. Nieuwe ideeën en initiatieven zijn daarbij erg welkom. Er zijn al bedrijven die samen met een opleidingsinstituut studenten praktijkgericht opleiden. Maar ook daar zijn pedagogen voor nodig. Want opleiden is nu eenmaal een vak. Het is belangrijk dat we met elkaar aan dezelfde uitdagingen werken. Daarom is dit programma zo belangrijk.

Waar zie jij jezelf/ je bedrijf over 5 jaar?
Over vijf jaar hoop ik dat er een mooie netwerk organisatie staat waar we elkaar verstaan en begrijpen. Waar we met elkaar werken aan programma’s ten behoeve van het human capital. Dat we de uitdaging met elkaar – als een gedeelde verantwoordelijkheid – zijn aangegaan.

Met welke persoon wil jij wel een dagje ruilen? 
Er zijn veel mensen met wie ik een dag mee wil lopen. Het is namelijk best een grote transitie waar we voor staan. Laat ik er twee noemen: Daan Roosegaarde omdat hij zijn creatieve vermogens vertaalt in onder andere groene innovaties. Hij weet dat ook om te zetten in lucratief ondernemerschap. Ik wil van hem wel een paar creatieve ideeën horen.
En Jennifer Wessels Boer omdat zij, als voormalig schoolleider, een boek schrijft over structureel leren op en door het bedrijfsleven. ‘Ultiem beroepsonderwijs’ heet het. Op onze bijeenkomst van 28 november spreekt zij over de nut en noodzaak van samenwerken tussen onderwijs en bedrijfsleven.