“Mijn opa Kees was een groot liefhebber van bijzondere bolgewassen. Oorspronkelijk kwam hij uit de strohandel. Doordat hij veel aan bollenbedrijven leverde raakte hij geïnteresseerd in bollen. Deze interesse sloeg uiteindelijk over in liefde voor tulpen en narcissen en zo ontstond in de loop van de jaren een bijzondere collectie bollen uit alle windstreken. Hij had heel veel kennis op het gebied van narcissen en tulpen. Alle soorten kende hij bij naam. Helaas is hij dit voorjaar overleden. Ik vind het heel belangrijk dat zijn collectie in stand wordt gehouden. Het is belangrijke historie voor de streek.”

In de Spiegel is de rubriek van Flower Science waarin iemand uit de bloembollensector in de spiegel kijkt. In tien korte vragen blikt deze persoon naar het heden, zijn verleden en de sector in de toekomst. Aan het woord de 23-jarige bollenliefhebber Bastiaan Breed uit Lisse.

Als je in de spiegel kijkt, wat voor soort ondernemer zie je dan?

Ik ben geen ondernemer, maar ik werk voor twee bazen: Henk van der Slot en Hein Meeuwissen. Ik wil wel ooit gaan ondernemen, maar ik vind het ook lastig om te starten. Er komt erg veel kijken bij het hebben van een bollenbedrijf. Uiteindelijk zal het waarschijnlijk een overname worden. Ik zou namelijk graag de unieke bollencollectie van mijn opa Kees Breed uiteindelijk willen overnemen.

Van wie ben jij d’r een?

Ik ben de zoon van fotograaf Eric Breed en de kleinzoon van Kees Breed, twee bekende personen in de bollenwereld. Mijn opa Kees was een groot liefhebber van bijzondere bolgewassen. Oorspronkelijk kwam hij uit de strohandel. Doordat hij veel aan bollenbedrijven leverde raakte hij geïnteresseerd in bollen. Deze interesse sloeg uiteindelijk over in liefde voor tulpen en narcissen en zo ontstond in de loop van de jaren een bijzondere collectie bollen uit alle windstreken. Hij had heel veel kennis op het gebied van narcissen en tulpen. Alle soorten kende hij bij naam. Helaas is hij dit voorjaar overleden. Ik vind het heel belangrijk dat zijn collectie in stand wordt gehouden. Het is belangrijke historie voor de streek.

Waar ben je het meest trots op?

Ik ben het meest trots op dat het bollenvak al zo oud is en dat sommige soorten door de collectie van mijn opa nog steeds bestaan. Wij hebben bijvoorbeeld de ‘Tulipa Zomerschoon’ uit 1600, het is een van de eerste tulpsoorten die er in Nederland was. Op schilderijen van Rembrandt kom je ook veel afbeeldingen van tulpen tegen. Dat waren eigenlijk zieke tulpen want er zaten vlammen in, daar was men dol op in die tijd. De mensen waren bezeten van tulpen. Eigenlijk is de tulpmania de eerste ‘bubble economie’ zoals we dat nu noemen. In de hoogtijdagen kon je van een tulp zelfs een grachtenpand kopen.

Waar mogen wij je ’s nachts voor wakker maken?

Voor een goed glas whisky met een lekker bijpassend hapje zoals gerookte zalm op toast.

Wat kunnen wij van jullie leren?

Ik denk dat je van de collectie van mijn opa kunt leren dat het bollenvak een uniek en bijzonder vak is. En vooral dat bollen geen eenheidsworst hoeven te zijn. Wij willen de oude en unieke soorten in stand houden. Het is een plicht. Want weg is ook echt weg. Er zijn altijd liefhebbers voor die ene bijzondere bolsoort. En ik denk dat veel meer mensen daar interesse in zouden kunnen krijgen. Op het moment dat wij met marketing en promotie er weer echt een luxeproduct van maken, dan is men ook bereid er meer voor te betalen. Laten we terug gaan naar de beleving van verschillende soorten tulpen, misschien ontstaat er weer een tulpenmania.

Waar kennen mensen jou nog meer van?

Ik word meestal gezien als ‘zoon en kleinzoon van’. Verder heb ik in de afgelopen twee jaar meegelopen met een KAVB klankbordgroep voor een online lesmodule tulpenbroeien en tulpenteelt. Ook heb ik weleens in een magazine gestaan ‘Ode aan Lisse’, daar werd ik veel op aangesproken in het dorp. En misschien ken je me van de Tulpenkeuringen bij de CNB. Ik heb onder andere meegedaan aan de Nederlandse Jeugdkampioenschappen Tulpenkeuren. Ik was een jaar of veertien. Helaas bestaat het Tulpenkeuren in Lisse niet meer. Mensen kunnen mij ook kennen van de Scouting Shawano’s Lisse. Ik ben daar als jeugdlid begonnen en nu voor het 8e jaar betrokken als leiding van de scouts.

Wat moet anders in de bloemenbollen-sector de komende jaren?

Ik vind dat er meer geïnnoveerd moet worden. We lopen als sector behoorlijk achter op de andere sectoren. Kijk naar de ontwikkelingen op het gebied van DNA-toepassingen. In de akkerbouw (amerika) gebeurt het volop. Ik zie ook veel in meerlagen-teelt in broeierijen. Met led-licht is veel mogelijk. Er kan veel efficiënter gebruik worden gemaakt van ruimtes.
Eigenlijk doen we elk jaar hetzelfde trucje. We stoppen bollen in de grond en in het voorjaar zien we hoe ze er weer uitkomen. Investeren in innovatie is belangrijk. Bollen zijn hét exportproduct van Nederland. Er moet gewoon meer tijd en geld en energie voor worden vrijgemaakt door overheid én ondernemers.
Bloemen en bollen zijn nog altijd een luxeproduct, het is geen eerste levensbehoefte. Ik vind het daarom ook belangrijk dat we ons product luxe wegzetten. Niet als goedkoop product, maar als mooi, luxe en speciaal product dat je in huis haalt om de boel op te fleuren of om iets te vieren. Met de supermarkt tulpen krijg je een heel ander effect. De kwaliteit is zoveel minder.

Wie of wat is jouw inspiratiebron?

Mijn vader en mijn opa. Ik ben erg trots op de collectie die van generatie op generatie wordt doorgegeven. Ik ben de enige van de 10 kleinkinderen die in het bloemenvak doorgaat.

Wat zijn je mooiste werkmomenten?

De bloeitijd in het voorjaar is het mooist, want dan zie je het eindresultaat. Ik wil in die periode alle velden zien en het liefst zo vaak mogelijk. Hoe staat het erbij, hoe ziet het er vandaag weer uit? Ik kan urenlang  tulpen of narcissen nalopen, lekker buiten met de zon in je gezicht. De planttijd heeft ook zijn charme. Met de knietjes op de grond. Alles gaat er weer in. Die bol die je plant ziet er zo simpel uit en het blijft bijzonder dat er dan toch zo’n mooie bloem uit voortkomt. Ik verheug met trouwens erg op komend voorjaar. De collectie wordt dicht om ons huis geplant, dat betekent dat we er ook veel van kunnen genieten.

Als je niet voor dit vak had gekozen, wat zou je dan willen doen?

Toen ik klaar was met school wilde ik iets gaan doen met Water Management, net als Willem Alexander. Ik heb me er echt in verdiept. Nederland hoog en droog houden is belangrijk. Toch ben ik geswitcht naar de bollen. Daar ligt mijn hart.